Nachtlied

Tabs

Aan de slag

In 1981 componeerde Nees Nachtlied op een tekst van Pater Albert Boone, wiens teksten die hij wel vaker gebruikte. Een tussendoortje, zoals hij me zelf vertelde, maar dat toch de vintage Nees meedraagt: een sfeervolle aanloop, een actievere middelste strofe en een complexer slot met een (letterlijk) hoogtepunt, gevolgd door een beklijvende afloop.  Drie strofen met telkens een ander karakter.       

Fraai golvende melodie                                                                                                                                                                             

Alle koorleden dienen zich eerst de fraai golvende melodie eigen te maken. Zing zacht met een goede ademsteun, vooral in de dalende lijnen. Ervaar hoe klankrijk de tekst wel is en hoe organisch de melodie erop past. De begeleiding op noe van de eerste strofe brengt subtiel accentjes aan bij de melodie en verbeeldt een wiegelied. De zangers moeten dat goed aanvoelen. Aan het eind van de strofe stuurt de middenstem de actie van de tweede strofe aan. De noenoe- begeleidingen - tweede en derde stem -  kunnen het beste samen worden ingestudeerd om (jonge) koorzangers goed naar elkaar te doen luisteren.    

In de tweede strofe houden de twee stemmen elkaar in spanning, belangrijk blijft de natuurlijke prosodie: plaats de woordaccenten juist in de gedragen melodie, geef ook de spanningsrusten rondom de herhaalde woorden de stem genoeg aandacht.

In de overgangswoorden zing, zing, naar de derde strofe mag de nasale eindklank duidelijk klinken als opstap naar de homofone zetting. Zowel het volume als het tempo kan je een beetje optrekken. Zo lanceer je het koor naar de maten met de hoge noten. Zoals de harmonie vraagt, zingen de bovenstemmen parallel en ontwikkelt de alt zich in tegenbeweging. De alten mogen zich daar goed van bewust zijn en die tegenbeweging behoedzaam in de verf zetten. Voor de discantstem vraagt de componist  een solo of enkele lichte stemmen, maar de melodie mag niet op de achtergrond verdwijnen.  Het decrescendo en ritenuto van de laatste regel kan je met een mooi effect inzetten als je de woorden helend en troostend door een komma van elkaar scheidt.  

Natuurlijke tactus

Ook al is een strakke maat aangegeven, met de nodige maatwisselingen, toch zal het lied aan expressie winnen als de dirigent vooral aandacht heeft voor een natuurlijke tactus geënt op de woordaccenten uit de tekst.

Dit lied, dat eerder al werd uitgegeven als ANZ Koorblad 39, blijft een plaats verdienen in het repertoire van jeugdkoren. Mits een verzorgde inleving, aandacht voor toonvorming en tekstexpressie kan het lied uitgroeien tot een pareltje. Ook haalbaar voor goede basiskoren.

Deel deze pagina

Reageer op deze partituur

Login of registreer om te kunnen reageren