Katootje

Katootje – soms gespeld als Catootje – of voluit Ik ben met Katootje naar de botermarkt gegaan is een stapelliedje met een kettingrefrein: delen uit de strofes en eerdere strofes worden herhaald, meestal in omgekeerde volgorde. Het steeds herhaalde deel heet een kettingrefrein. Stapelliederen komen vooral voor bij kinderliedjes, mars- en werkliederen. Katootje werd bekend door de televisieshow van cabaretier Wim Sonneveld die in 1962 werd uitgezonden. Hij bracht het lied als een chanson mimé, waarbij de tekst rijk gekostumeerd werd uitgebeeld.

Het liedje is ontleend aan het volks- en straatliedje Ik ben met mijn Catootje naar de Rozenstraat geweest, dat al bestond in het begin van de 19de eeuw. Interessant daarbij is dat een deel van die melodie uit Le nozze di Figaro van Mozart komt, nl. de aria Non piu andrai farfallone amoroso! Het liedje vertelt over iemand die met het meisje Katootje naar de botermarkt  is gegaan. Katootje kon maken wat ze wou en was in staat om van boter elk gewenst beeld te maken, nl een dominee, wafelvrouw, toverheks, kastelein, barones, lichtmatroos, dikke meid en oude heer. Op internet kan je verschillende artikels lezen over de ontstaansgeschiedenis van het lied én de achterliggende mogelijke betekenissen. Erg interessant.

Deel deze pagina

Reageer op deze partituur

Login of registreer om te kunnen reageren